In de vele studies en onderzoeken naar de bijensterfte is een ijzertekort niet als mogelijke oorzaak genoemd. Een ijzertekort bij bijen kan het gevolg zijn van ijzeronttrekking, bijvoorbeeld door de varroamijt. Een ijzertekort kan ook ontstaan door verminderde aanvoer via het stuifmeel of de nectar. Uiteindelijk leidt dat dan tot een verminderde beschikbaarheid voor de belangrijke processen in het lichaam van de bijen. De gevolgen van een tekort aan ijzer voor bijen zijn niet in de literatuur beschreven. Ze kunnen echter voor een deel afgeleid worden uit wat bekend is bij andere insecten en hogere organismen.

Afname voorraad

Bij een tekort aan ijzer in een organisme worden eerst de voorraden aangesproken om aan de behoefte te voldoen. Bij bijen ligt deze voorraad in de trophocyten in het vetlichaam. Bij parasitering door de varroamijt via het haemolymphe wordt ijzer onttrokken, waardoor de voorraad vermindert. Bij een langdurige onttrekking, bijvoorbeeld als er voortdurend veel mijten zijn, raakt de voorraad op. Pas dan treden ook de verschijnselen van een tekort op.

Uit de medische en veterinaire literatuur blijkt dat een tekort aan ijzer niet alleen ongunstig uitwerkt op het energiesysteem, maar ook op het immuunsysteem en het neurologisch systeem. Zie voor meer informatie de sectie Onderzoek.

Niet naar de kast terugkeren, verdwijnen en desoriëntatie

Niet naar de kast terugkeren van de bijen, alsook verdwijnen en desoriëntatie, zijn op zijn minst voor een deel te herleiden tot ijzertekorten. Dat verloopt via een de volgende processen: 1. uitputting 2. ziekten 3. desoriëntatie. Meer hierover is te lezen in de sectie Onderzoek.