Men kan de bijensterfte zien als het resultaat van een competitie tussen twee microbiële systemen, namelijk het microbiëel systeem van de honingbij en het microbiëel systeem van de varroamijt.

De aanname is dat er in het milieu en/of in het stuifmeel/nectar een verandering is opgetreden in de minerale samenstelling.  Deze heeft geleid tot een verschuiving van het microbiële evenwicht op ten gunste van de mijt, en eventueel ook ten gunste van andere ziektes en parasieten.

Door extra ijzer toe te voegen verandert men de microbiële samenstelling. Dat leidt vervolgens tot een verminderde virulentie van de varroamijt.