Hierbij wordt de bijensterfte gezien als een probleem met een verkeerde populatieopbouw. Er is een verkeerde verhouding tussen jonge bijen en oude bijen. Hierop is een populatiemodel gebaseerd, dat dit aannemelijk maakt. Zie http://www.plosone.org/article/info%3Adoi%2F10.1371%2Fjournal.pone.0018491

Om allerlei redenen kan er sprake zijn van een verhoogde reproductie enerzijds of van een te grote sterfte onder vliegbijen anderzijds. Wanneer de gemiddelde leeftijd van de bijen lager is kan een verkeerde populatieopbouw ontstaan. Bij sterke aanwezigheid van Nosema kan bijvoorbeeld de gemiddelde leeftijd van de bijen met 9 dagen afnemen (http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC3590174/pdf/pone.0058165.pdf). Dit kan dan zowel betrekking op zomerbijen als op winterbijen. In de zomer kan een verhoogde reproductie ertoe leiden dat er een voedseltekort (stuifmeel, eiwit) voor het broed ontstaat vanwege onvoldoende aanvoer voor al dat broed. Een dergelijk stuifmeel/eiwittekort ontstaat eveneens als teveel vliegbijen door uitputting, ziekte of desoriëntatie niet naar hun kasten terugkeren. In het najaar leidt het niet terugkeren van bijen naar de kast ertoe dat het volk te klein wordt om zich in de winter nog warm te kunnen houden. Als een volk aan het begin van de winterperiode al te klein is als gevolg van een te lage reproductie in september/oktober (na het inwinteren), kan het volk snel kleiner worden dan het als minimum gehanteerde aantal van 10.000 – 12.000 bijen. Als dan ook nog de reproductie te hoog blijft, zal de populatiesamenstelling verre van optimaal zijn. Het proces van vertrekkende en niet terugkerende bijen is niet altijd waarneembaar, omdat dit geleidelijk plaatsvindt en omdat de imkers in het najaar hun kasten niet meer zo vaak inspecteren.

De mogelijke rol van de varroamijt en Nosema hierbij zijn als volgt: 1. De bijen zijn eerder geneigd om te gaan foerageren 2. Geïnfecteerde bijen gaan door verzwakking dood in het veld en en keren in een te geringe mate naar de kast terug. 3. De reproductie is verhoogd (bijzondere rol van Nosema ceranae). Op deze manier neemt de verhouding vliegbijen/voedsterbijen langzaam af.

Door extra ijzer toe te dienen wordt de reproductie verlaagd. IJzer kan zo een gunstig effect hebben om een te hoge reproductie terug te brengen of door de reproductie te verlagen wanneer dat uitdrukkelijk de bedoeling is (bijvoorbeeld na het inwinteren).